Bloedvaten & hart

Gezondheidshoekje.com

gezondheid, lifestyle, zo werkt mijn lichaam, ziekten, aandoeningen, kwaaltjes en meer

Hart, bloedvaten en bloed

Cardio vasculair stelsel

 

Het menselijk lichaam bestaat uit miljarden cellen die elk een constante toevoer van zuurstof en voedingsstoffen nodig hebben. Daarvoor is er het hart, bloedvatenstelsel en het bloed. hieronder meer hierover.

 

1. Het hart

Hart

Wat en waar van het hart

Het hart is als het ware de pomp van de bloedstroom. Dit uiterst vitale (levensbelangrijk) orgaan ligt in de borstholte. Het is beschermd het borstbeen en de ribben.

Het is een spier die in grofweg 4 holtes verdeeld is. De bovenste holtes zijn de atriums. In de volksmond spreekt men ook van voorkamers en boezems. De onderste holtes zijn de ventrikels (ventriculum).

Daarnaast lopen er een aantal aders in en uit het lichaam. De bloedvaten die naar het hart stromen, heet men aders. Terwijl de bloedvaten die van het hart weg stromen slagaders worden genoemd.

Tussen verschillende delen van het hart zitten er kleppen, de hartkleppen.

De hartspier op zich bestaat in verschillende lagen: het pericard, het myocard en endocard. Het epicard wordt dan ook wel het hartzakje genoemd.

Helemaal bovenaan het hart zit een ader dat 3 uitsteeksels heeft die het bloed verdelen doorheen het lichaam. Deze ader heet men de aortaboog.

 

Hartkleppen

De tricuspedalisklep zit tussen het rechter atrium en rechter ventrikel. Hij bestaat uit 3 flappen. De mitralisklep zit tussen het linkeratrium en linkerventrikel. Deze klep bestaat uit 2 flappen. Daarnaast is er nog de aortaklep die de scheiding vormt tussen het linker ventrikel de aorta. Hij heeft 3 flappen (zie animatie links). Tot slot is er nog de pulmonalisklep die de scheiding vormt tussen het rechter ventrikel en de longslagader. Deze bestaat ook uit 3 flappen. Zowel de mitralisklep als de tricuspidalisklep hangen aan de hartwand vast met behulp van hartspiertjes (chordae tenineae).

 

Wat is het doel van het kloppen van het hart?

Er wordt in ons lichaam dankzij het hart ongeveer 5 liter bloed per minuut gepompt. Zonder het hart zou dat niet lukken. Ieder orgaan, elk weefsel, elke cel moet voorzien worden van zuurstof en de nodige voedingsstoffen.

 

Hoe gaat de bloedsomloop in z'n werk?

Het bloed dat via de Vena Cava Infrior en de Vena Cava Superior binnenkomt in het hart, is zuurstofarm. Dit bloed komt vanuit verschillende delen van het lichaam (met uitzondering van de longen). Het bloed komt toe in het rechter atrium en moet doorheen de tricuspedalisklep om naar het rechter ventrikel te kunnen vloeien. Daarna gaat het van het rechter ventrikel doorheen de pulmonalisklep richting de longslagader die het bloed -zoals de naam al zegt- naar de longen brengt. In de longen kan de gasuitwisseling gebeuren: zuurstofarm bloed wordt zuurstofrijk en afvalstoffen worden er afgegeven. Wanneer deze gasuitwisseling is gebeurt, gaat het boed via de longaders terug naar het hart. Het bloed komt toe in het linker atrium, vloeit doorheen de mitralisklep en komt uit in het linker ventrikel. Tot slot dient het bloed nog doorheen de aortaklep te passeren alvorens het via de aorta terug rondgestuwd wordt doorheen het lichaam.

 

De oorzaak van de pompbeweging van het hart

Het voortstuwen van bloed wordt veroorzaakt door een soort van elektrische impulsen. Deze impulsen zorgen ervoor dat het hart syncroon en ritmisch samnentrekt. De sinusknoop zorgt voor het eerste impuls. Hij stuurt deze naar de voorkamers. De AV-knoop vangt de impuls op en blokkeert deze heel kortstondig zodat het bloed dat in de atriumszit kan naar de ventrikels kan lopen. Op het moment dat de ventrikels zijn volgelopen, geeft de AV-knoop de impuls opnieuw door zodat nu de ventrikels kunnen samentrekken en bloed kan verder lopen.

 

De rol van de hersenen bij de hartwerking

De hersenen regelen (samen met de carotislichaampjes en de nieren) het hartritme, de frequentie van het kloppen van het hart en de sterkte van de hartslag.

 

De gemiddelde hartslagwaarden

De gemiddelde hartslagwaarden zijn erg uiteenlopend, omdat er zoveel verschillende factoren zijn die de hartslag kunnen beïnvloeden. De hartslag varieert onder andere naar gelang de leeftijd van de persoon, de fysieke, psychische of emotionele spanning van de patiënt (onder fysieke spanning kan ook koorts of andere ziekten en aandoeningen gerekend worden), de inname van medicatie, alcohol of drugs.

 

De hartslag wordt best gedurende 1 volle minuut opgenomen, bij voorkeur niet door de duim. De hartslag kan opgenomen worden ter hoogte van de pols, de binnenkant van de liesplooi, de binnenkant van de bovenarm, de hals en aan de binnenkant van de enkel. Bij baby's kan de hartslag ook gezien worden ter hoogte van de grote fontanel.

 

De gemiddelde hartslagwaarde ligt rond de:

* baby: 110 a 130 hartslagen per minuut

* kind: 80 a 100 hartslagen per minuut

* volwassen: 60 a 80 hartslagen per minuut

 

Opgelet: wat bij de patiënt links is, is op de foto rechts.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

2. De bloedvaten (vas sanguineum)

 

De bloedvaten zijn als het ware een netwerk van buisjes die doorheen het lichaam verspreid liggen en die het transport van bloed naar alle organen, weefels en cellen verzekeren.

 

De verschillende soorten bloedvaten

In het lichaam zijn 3 grote groepen bloedvaten te onderscheiden: de slagaders, de aders en de haarvaten. De slagaders zijn de grootste, sterkste aders en de haarvaten zijn de fijnste bloedvaten. Daar waar de slagaders de dikste wand hebben, de hoogste bloeddruk dragen en zuurstofrijk bloed transporteren, is dat voor de aders helemaal omgekeerd. De haarvaten zijn de bloedvaten waarin de uitwisseling van zuurstof/voedingsstoffen en afvalstoffen gebeurt.

De kransslagaders zijn bloedvaten die als een krans om het hart liggen. Ze zorgen ervoor dat hartspier van zuurstof en voedingsstoffen voorzien wordt. Deze kransslagaders vertakken rijkelijk en omvatten op die manier het ganse hart van buitenaf.

 

Waarvoor hebben we een bloedvatenstelsel?

Om u een idee te geven: ziehier de aderen in de hand

Het doel van het bloedvatenstelsel is om alle delen van het lichaam (organen, weefsels,...) van bloed te voorzien. Bloed is noodzakelijk omdat het zuurstof en voedingstoffen omvat, die het lichaam nodig heeft. Daarnaast kan het lichaam via het bloed ook zijn afvalstoffen kwijt.

Men spreekt van de grote en kleine bloedsomloop. De grote bloedsomloop zorgt ervoor dat zuurstofarm bloed terug zuurstofrijk wordt. Het hart pompt zuurstofarm bloed naar de longen. in de longen wordt dit zuurstofarm bloed van zuurstof voorzien en wordt koolstofdioxide verwijderd uiet ht bloed (de afvalstof). Daarna keert het zuurstofrijke bloed terug naar het hart. De kleine bloedsomloop daarentegen zorgt ervoor dat alle delen van het lichaam voorzien worden van zuurstof en het lichaam zijn afvalstoffen kwijt kan.

Het bloed neemt voedingsstoffen op van uit de darmen en voert het naar de cellen. De afvalproducten die de cellen in ons lichaam bezitten, worden via de nieren (en later via de urine) uitgescheiden. Bovendien zorgt het bloedvatenstelsel er ook voor dat hormonen vanuit de endocriene klieren naar de organen getransporteerd wordt. Warmte kan dankzij het bloedvatenstelsel naar de huid vervoerd worden waar het afgegeven kan worden aan de omgeving.

 

Aderkleppen

Hoe stroomt het bloed door de aderen?

Zowel het hart als de bloedsomloop zorgen ervoor dat het bloed gelijkmatig door de venen kan stromen. Wanneer het bloed doorheen een slagader pompt, zet de slagader uit. Op het moment dat het bloed doorheen de slagader loopt, vernauwt hij waardoor er een voortstuwend effect ontstaat. Bovendien hebben de aders ook kleppen die ervoor zorgen dat bloed maar in 1 richting kan stromen. (zie afbeelding hiernaast).

 

Bloed dat onder de gordel zit, vloeit naar het hart desondanks zwaartekracht

Het hart heeft een aanzuigende kracht. Hij zuigt als het are bloed terug naar zich toe. De kleppen die in de venen aanwezig zijn helpen daar een handje mee. Maar ook de spieren doen het nodige werk: ze "masseren" als het ware de venen zodat het bloed gemakkelijker kan passeren.

 

De bloeddruk meten

Door middel van een bloeddrukmeter (ook wel RR-meter genoemd), kan de bloeddruk gemeten orden. Men plaatst een stethoscoop net onder de band. Via een pomp blaast men de band op. Aan het meettoestelletje is er een klein wieltje waaraan men kan draaien om de band te lossen. Vanaf het moment dat de hulpverlener de eerste hartslag hoort, spreekt men van de bovendruk (bvb 120mmHg, wat men uitdrukt in 12 mmHg). Daarna lost de hulpverlener de band nog wat mee. Op het ogenblik dat de hartslag niet meer hoorbaar is, spreekt metn van de onderdruk. Bvb 80mmHg. Synonien voor de bovendruk is systolische druk. Synoniem voor de onderdruk is de diastolische druk.

 

3. Bloed

 

De inhoud van bloed

Bloed is een vloeistof die doorheen de bloedsomloop stroomt. Bloed bestaat uit enerzijds cellen (rode, witte en bloedplaatjes) en anderzijds plasma. Plasma is een gelige vloeistof waar ondermeer hormonen, eiwitten, vetten, mineralen, stollingsfactoren en meer in zitten. In het lichaam worden bloedcellen constant afgebroken en worden er nieuwe terug aangemaakt. Bloedcellen zijn afkomstig van stamcellen uit het beenmerg. Ze splitsen op in voorlopercellen en worden daarna onderverdeeld in de cellen zoals wij ze kennen.

 

Rode & witte bloedcellen en bloedplasma

De verschillende bloedcellen

Rode bloedcellen (erytrocyten) zijn de bloedcellen die zuurstof voorzien aan de cellen in het lichaam en die kooldioxide vast houden. Ze bevatten hemoglobine, die zuurstof transporteert en afhankelijk is van ijzer. Typisch aan de rode bloedcel is dat hij (net zoals bloedplaatjes) geen celkern heeft. Wanneer we een rode bloedcel onder de microscoop leggen, kunnen we hem omschrijven als een kleine schijf die in het midden ingedeukt is. Zowat de helft van bloed bestaat uit rode bloedcellen.

Witte bloedcellen (leukocyten) zijn voornamelijk verantwoordelijk voor de weerstand en helpen met afbreken van afgestorven bloedcellen. Er zijn verschillende varianten witte bloedcellen, waarvan de 3 hoofdsoorten zijn: granulocyten, lymfocyt en monocyt. Het unieke aan witte bloedcellen is dat ze doorheen de wand van de bloedvaten kunnen om ziekteverwekkers aan te vallen. Wanneer de witte bloedcellen hun werk doen, namelijk het verdedigen van het lichaam, gaan er witte bloedcellen kapot. Daarop reageert het lichaam door extra witte bloedccellen aan te maken.

Bloedplaatjes (trombocyten) zijn de cellen die helpen bij de bloedstolling. Ze worden onder de bloedcellen gerekend, maar eigenlijk zijn ze geen cellen maar wel stukjes cellen die afkomstig zijn van het rode beenmerg.

 

Omdat er steeds een tekort is aan bloeddonoren, wil ik even uw aandacht vestigen op de noodzaak van bloeddonatie. Neemt u zeker een kijkje op de website van het Rode Kruis: bloedgevendoetleven

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Laatste update van de tekst: 8 februari 2015

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Schematisch overzicht van de bloedcellen

© 2007 - 2015 Gezondheidshoekje.com

Suggesties en opmerkingen over de inhoud van de tesksten/layout mag u steeds melden.